Soms kan voetbal een onvoorstelbaar wrede kant laten zien. Een ongelukkige botsing, een zware tackle of een blessure die aanvankelijk niet levensbedreigend lijkt, kan een mensenleven voorgoed veranderen. De tragische dood van de Spaanse voetballer Jesús de Miguel brengt een bijna vergeten drama uit de Belgische voetbalgeschiedenis opnieuw onder de aandacht.
Op 3 november 2026 werd de voetbalwereld opgeschrikt door het overlijden van Jesús de Miguel, de 30-jarige aanvaller van CD Tenerife. Een dag eerder was hij tijdens een wedstrijd tegen FC Andorra zwaar in botsing gekomen met doelman Jesús Owono. De speler werd naar het ziekenhuis overgebracht, maar ondanks de medische zorgen overleed hij de volgende ochtend.
Het is een bijzonder tragisch voorval dat ons eraan herinnert dat voetbal, ondanks alle veiligheidsmaatregelen, soms onvoorspelbare en dramatische gevolgen kan hebben.
Bij het lezen van dit nieuws moest ik denken aan een verhaal uit de Belgische voetbalgeschiedenis dat veel minder bekend is. Een verhaal dat zich bijna precies tachtig jaar geleden afspeelde, op het voetbalveld van FC Boom. Het slachtoffer was Benoit Van Eyndhoven, een jonge en beloftevolle voetballer die amper 24 jaar oud werd.
Een beloftevolle middenvelder bij FC Boom
Benoit Van Eyndhoven speelde in 1946 bij FC Boom, dat toen uitkwam in de hoogste nationale afdeling, de toenmalige Ere-afdeling. Hij was een talentvolle middenvelder en maakte deel uit van een ploeg die in de volksmond bekendstond als de 'Steenbakkers'.
Op zondag 10 november 1946 ontving FC Boom het Waalse Olympic Charleroi. Het werd een wedstrijd waarin de thuisploeg ondanks een overwicht niet tot scoren kwam. De ontmoeting eindigde uiteindelijk op 0-0.
Maar het sportieve resultaat zou al snel naar de achtergrond verdwijnen.
Volgens de latere familiegetuigenissen werd Van Eyndhoven tijdens de wedstrijd het slachtoffer van een bijzonder zware, opzettelijke schop. Een speler van Olympic Charleroi, Albert De Deken, zou hem met twee benen vooruit in de buikstreek hebben geraakt.
De wedstrijdverslaggever van de Gazet van Antwerpen vermeldde op 12 november dat Van Eyndhoven na twintig minuten in de tweede helft aan de zijde werd geraakt en van het veld moest worden gedragen. Een ziekenhuisopname bleek noodzakelijk. Het was het begin van een drama dat zich in de daaropvolgende dagen zou voltrekken.
Eerst hoop, daarna opnieuw slecht nieuws
De eerste berichten uit het ziekenhuis leken aanvankelijk nog enigszins geruststellend.
In de krant van 15 november 1946 verscheen een bericht onder de titel 'Van Eyndhoven in het hospitaal, Van Laer aan het hoofd gekwetst'.
De krant meldde dat de jonge voetballer nog diezelfde avond een heelkundige ingreep had ondergaan in het ziekenhuis van Boom. Hoewel er geruchten circuleerden dat voor zijn leven werd gevreesd, leek zijn toestand op dat moment bevredigend. De krant schreef zelfs dat men hoopte dat Van Eyndhoven zonder verdere verwikkelingen weer de oude zou worden. Wel zou hij vermoedelijk meerdere weken buiten strijd zijn.
Maar die hoop bleek helaas van korte duur.
Op 21 november verslechterde zijn toestand opnieuw zo sterk dat een dringende verplaatsing naar het Universitair Ziekenhuis in Leuven noodzakelijk werd.
De editie van de Gazet van Antwerpen van 22 november bracht nog het bericht over zijn overbrenging naar Leuven. De volgende dag verscheen het nieuws dat niemand had willen lezen...
'Van Eyndhoven is niet meer...'
Onder die bijzonder aangrijpende titel berichtte de Gazet van Antwerpen op 23 november 1946 over het overlijden van de jonge voetballer.
Na een nieuwe, langdurige operatie in de kliniek van Leuven was Benoit Van Eyndhoven de vorige namiddag overleden. Hij was amper 24 jaar.
De krant schreef: 'Een sterke 24 jarige kerel aan het begin van zijn loopbaan heeft ons verlaten. Het mocht niet, het kon niet, en toch is het gebeurd.'
De woorden geven goed weer hoe groot de verslagenheid moet zijn geweest. Nog maar enkele dagen eerder waren de vooruitzichten gunstig genoemd. Nu moesten zijn ouders, familieleden, ploegmaats en vrienden afscheid nemen van een jonge man wiens leven nog voor hem lag.
Een indrukwekkende laatste groet
Op dinsdag 26 november 1946 nam Boom massaal afscheid van zijn jonge voetballer. De stad was in rouw. Talrijke Boomse en Belgische vlaggen hingen halfstok aan de gevels en aan het ouderlijke huis stond een onafzienbare menigte aangeschoven om Benoit een laatste groet te brengen en zijn familie te steunen.
De begrafenisstoet was bijzonder indrukwekkend. Een vijftigtal vlaggen van Boomse supportersclubs en voetbalverenigingen uit binnen- en buitenland ging vooraf aan de lijkwagen. Het bestuur van FC Boom, spelers van de lagere elftallen, oud-schoolgenoten en talrijke vertegenwoordigers uit de Belgische voetbalwereld volgden. De spelers van het eerste elftal vormden een erehaag rond de lijkwagen. Ook de voorzitter van de Belgische Voetbalbond, E.H. Kanunnik Dessain, en vertegenwoordigers van onder meer Olympic Charleroi waren aanwezig.
Tijdens de plechtige uitvaartdienst bracht de muziekafdeling van FC Boom het signaal 'Te Velde'. Aan het graf volgden nog verschillende lijkredes. Toen de kist langzaam in het open graf neerdaalde, weerklonk op gedempte toon het strijdlied van FC Boom, een aangrijpend moment. Snikkend volgden de aanwezigen de gebroken vader, die nog eenmaal afscheid nam van zijn veel te vroeg overleden zoon.
Een indrukwekkende laatste hulde aan een jonge voetballer wiens leven en voetbalcarrière abrupt waren afgebroken.
| Gedachtenisprentje uit eigen collectie |
Een vergeten stukje voetbalgeschiedenis
De dood van Jesús de Miguel maakt het verhaal van Van Eyndhoven opnieuw bijzonder actueel. Twee voetballers, twee verschillende tijdperken en twee dramatische gebeurtenissen die ons eraan herinneren hoe kwetsbaar een mensenleven kan zijn.
Jesús de Miguel was 30 jaar. Benoit Van Eyndhoven amper 24.
Bijna tachtig jaar scheiden beide tragedies, maar de menselijke pijn die erop volgde, is tijdloos.
Geen alleenstaand drama
Het tragische verhaal van Benoit Van Eyndhoven staat helaas niet op zichzelf. Ook eerder kende het Belgische voetbal een gelijkaardig drama. Op 3 april 1927 kwam Albert 'Berten' Van Coile, verdediger van Cercle Brugge en éénmalig international, tijdens een vriendschappelijke wedstrijd tegen het Franse Union Sportive Tourcoing zwaar ten val na een botsing met de doelman. Aanvankelijk leek de blessure niet ernstig, maar de gevolgen bleken fataal. Ondanks een dringende operatie overleed Van Coile aan zijn verwondingen.
Het zijn verhalen die ons eraan herinneren dat achter de sportieve geschiedenis soms ook een bijzonder tragische menselijke geschiedenis schuilgaat.
Lees ook: 3 april 1927: de dodelijke botsing van Albert 'Berten' Van Coile.





































